Bonnes Coronacarrousel afl. 4: Harry & Co en Willy Sarphati

Doorgaans leg ik de vinylplaten die ik thuis bezit niet zo vaak op als ik alleen thuis zit en kies ik er makkelijkheidshalve voor om een cd of een playlist op te leggen. Dan hoef je niet om de vier-vijf liedjes de plaat te gaan omdraaien. Vinyl singles gaf ik thuis al helemaal geen draaigelegenheid. Eens je zo’n singletje oplegt, heb je niet eens deftig de tijd om iets te doen, of je mag het plaatje al gaan omdraaien. Met dat ene andere liedje op de achterkant herhaalt zich dan hetzelfde procedé. Je kan toch maar moeilijk een singletje opleggen, turend naar je platenspeler, wachtend tot het tijd is om het om te draaien? Nee, de collectie singletjes die in mijn door houtworm aangetaste fruitkistjes huist, is niet vaak het plezier gegund om eens buiten te spelen. Die singles koop ik wel als liefhebberij, maar eens gedigitaliseerd, dienen ze toch vooral om uit te stallen. Maar de vele vrijgekomen tijd dit jaar zorgde er voor dat ik toch intensiever dat zwarte goud thuis onder de naald legde. De handeling en het bijhorende krakende geluid zorgen toch voor een authentieke muziekervaring. De warme klank die het vinyl voortbrengt is ongeëvenaard authentiek. En als je dan oude plaatjes oplegt, waan je je toch even in die periode, zelfs al was je toen nog niet verwekt. Zo vertoefde ik dankzij Harry & Co. en Willy Sarphati dit jaar vaak in het geboortejaar van mijn oudste broer: 1978.

Heel toevallig botste ik dit jaar op hun singletjes (respectievelijk ‘ ‘k Heb Alles Gezien’ en ‘Ik Zit Op Een Kameel’) op discogs.com. Sinds ze hier vakkundig ingepakt mijn brievenbus binnengleden, zijn ze nog niet uit een straal van één meter rondom mijn platenspeler geraakt. Beide vinylsingles, toevallig allebei uit 1978 zoals gezegd, hebben de opmerkelijke gave om - hoewel het redelijk in de obscuriteit verzeilde liedjes betreft - je toch een flink opkikkertje te geven als je even een minder momentje hebt. En in zo’n coronajaar loert een minder momentje al eens vlugger om de hoek dan anders. De eerste noten van beide singletjes horen en er verschijnt een kamerbrede glimlach op mijn door coronakilo’s uitgedeinde froet.

Ze doen me telkens ook dromen over die eind jaren ’70-periode en hoe lekker eclectisch die moet geweest zijn voor de muziekliefhebbers toen. Hoogdagen voor Punk, Disco, Glamrock, Frans Chanson, Folk, Reggae, Kleinkunst of de opkomende Elektronica… Voor elk wat wils en voor de muzikale veelvraten een regelrechte indigestie. Hoe fijn moet dat toen niet geweest zijn? Helaas ontsproot ik pas enkele jaren later aan de lenden mijner moeder, dus ik zal het voor eeuwig moeten doen met wegdromen bij plaatjes uit die periode. En plaatjes zoals die van Harry & Co. en Willy Sarphati. Want die konden blijkbaar ook in die benijdenswaardige ‘do what you want’-jaren ’70.

Nederlandstalige reggae in de jaren ’70? Tot een klein jaar geleden wist ik niet eens dat het bestond. Ik kende uiteraard Lou Depryck en zijn Hollywood Bananas wel, maar dat was al eerder een fusie tussen Reggae en Disco, en ook niet Nederlandstalig. Maar blijkbaar hield ene Harry uit het Brabantse wel van ‘riddims’ en wat ‘geskank’. En maar goed ook, want dankzij zijn vergeten parel ‘ ‘k Heb Alles Gezien’ waande ik me in die zonovergoten eerste lockdown heel vaak in het Kingston Aan De Leie, om er de OeeOee’s van uit het refrein duchtig mee te kwelen. ‘Mosselen, Reggae en Friet, Botermelk (als ik het tenminste juist begrijp, want Harry zijn articulatie is niet altijd Bavo Claes-waardig), Rock en Roll en Shit’. Het zijn nu niet meteen zaken die ik persoonlijk zelf met elkaar zou associëren, maar blijkbaar definiëren ze Harries trektocht door het Vlaamse land richting Amsterdam. Mede dankzij de billen van Carine, waar ik me dan wel weer wat kan bij voorstellen, is ‘ ‘k Heb Alles Gezien’ gewoon een heerlijk ‘coming of age’ zomers nummer dat mijns inziens gewoon in de ‘100 op 1 Beste Belgen’ van Radio 1 thuishoort, en zeker nog lange tijd aan die perimeter rond mijn platenspeler vast zal hangen.

Van een heel ander, doch ook zomers allooi is ‘Ik Zit Op Een Kameel’ van de illustere Willy Sarphati. De titel doet het al vermoeden dat we hier met iets vreemds te maken zullen hebben, en eerlijk: het nummer is inderdaad wat je op het eerste gehoor zou omschrijven als een ferme stinker. Maar dan wel in de categorie: ‘zo slecht dat het weer goed wordt!’. Wat zeg ik: ronduit geniaal eigenlijk!

Willy Sarphati, een Belg die met recht en rede een schuilnaam bedacht om zijn kleinkinderen van speelplaatsgepest te vrijwaren, is namelijk niet meteen het type zanger dat je wenst te zien deelnemen aan The Voice. Alhoewel, misschien net wel. De aandoenlijke man is dan wel verstoken van toonvastheid, timing of fijne klankkleur, hij meent wel wat hij zingt en geeft zich helemaal. Ik gelóóf hem als hij zingt, wat ik van vele andere popsensaties niet kan zeggen. Eigenlijk is het niet om aan te horen en toch word ik er altijd een beetje lyrisch van. Gelukkig trok de man met tekst en voorbeeldmelodie naar de studio van Peter Koelewijn die er een nieuw, catchy en vrolijk oorwurmmelodietje bij arrangeerde. Resultaat: een Belpop Cultclassic die mij afgelopen zomer meermaals in Faraotred door mijn living liet hossen. In zure tijden als deze kunnen er volgens mij geen Willy Sarphati’s genoeg zijn om de boel wat op te leuken.

Na het opnemen van een clip voor het Nederlandse programma ‘Op Volle Toeren’, waarbij – bij gebrek aan kamelen in Benidorm, dat euvel had de productie blijkbaar even niet voorzien - een ezel een loopje nam met Willy op zijn rug (helaas geen beelden meer van te vinden), werd er op muzikaal vlak niets meer van de brave man vernomen. Spijtig. Van mij mocht hij nog de ganse zoo-catalogus bestegen hebben in zijn volgende liedjes. Voer voor een heuse ‘Best Of’ zou het zijn! In afwachting van een onverhoopte comeback van Willy, draai ik te mijner jolijt dan maar zijn enige masterpiece.

Harry & Co – ‘k heb alles gezien

Willy Sarphati – Ik zit op een kameel